Veluwerally 2006

Dit jaar zal ik het alleen moeten doen. De omstandigheden lijken gunstig. Er is de afgelopen week veel regen in Duitsland gevallen, waardoor de stroming in de IJssel sterker zal zijn dan anders in deze tijd. Er is windkracht 2-3 voorspeld uit het zuidoosten, bewolking met mogelijk enkele buien en een temperatuur van 22 graden. Ik zal varen in de Buccaneer met kampeeruitrusting. Hiervoor moet ik eerst de tent opzetten op het recreatieterrein Rederlaag bij Giesbeek en vervolgens naar Kampen rijden, waar een bus staat, die mij weer terugbrengt.

Op zaterdag kom ik aan in Rederlaag en zoek een plekje voor de tent. Ik zie geen bekenden. Ik geef mij op bij de Rally commissie en rijdt naar Kampen. De busreis terug duurt lang en er is een wegversperring, die tevoren kennelijk niet bekend was, waardoor er fors moet worden omgereden. Weer terug op de kampeerplaats loop ik Fred Bakker tegen het lijf met wie ik destijds vanaf Maastricht naar Almere ben gevaren. Hij doet voor het eerst mee aan de rally. Hij zal wel hoog eindigen, want hij is een sterke en snelle vaarder. Ik ga vroeg naar bed. ´s Nachts is het redelijk rustig.

Op 24 september lig ik om 7.30 uur aan de start van de 100 km Veluwe Rally, editie 2006. Er zijn tegen de honderd deelnemers. Ik heb mij opnieuw voorgenomen om bij de eerste tien te eindigen en indien mogelijk Fred voor te blijven. Bij de start zie ik twee K-1's snel vertrekken, gevolgd door de twee broers uit IJmuiden met hun Eska. Ik heb de taktiek gekozen om snel de plas af te varen en dan ruim voor Fred de stroom te pakken, waardoor ik hem lang voor zou kunnen blijven. Fred heeft een onbeladen kayak. Het lukt mij niet om verder te komen dan de 8-ste plaats. De twee K-1's, de twee Eska's , twee zeekayaks en een slanke toerkano blijven voor of passeren mij weer, als ik hen gepasseerd heb. Is er meer tegenstand of ga ik langzamer dan voorheen? Onbewust probeer ik sneller te varen en loop het risico mijzelf voorbij te varen. De toerkano passeer ik, zodat ik op de zevende plaats lig. Enkele kilometers voor Deventer hoor en zie ik een kayak achter mij, die mij langzaam maar zeker inhaalt. Het is Fred. Ondanks wat hij beweert, is hij het dus nog niet verleerd. Hij is nog steeds de snelste van Aquavite en niet ik. Hij is van plan om na Deventer even te stoppen. Ik raad hem dat af en gewoon door te varen. Deventer haal ik in dezelfde tijd als 2 jaar geleden in de Eska. Zo sterk is de stroming. Fred geeft aan dat we varen met een snelheid van 10-13 km per uur. Ik lig nu op de achtste plaats bij Deventer en dat is toch ongebruikelijk. Maar na Deventer zie ik de twee met hun zeekayak de kant kiezen om te rusten. En als je dat doet, dan doe je niet meer mee voor de eerste zes plaatsen, zo weet ik uit ervaring. Ik lig dus op de zesde plaats en Fred op de vijfde. Grappig dat Almere in de voorste gelederen van de rally vaart. Mijn snelheid zakt en ik voel een zware vermoeidheid over mij komen. Ik heb dus toch te snel gevaren en moet nu de tol betalen. Ik eet en drink voldoende, dus daar kan het niet aan liggen. Het is wat te warm, maar verder is het weer ook uitstekend. Ik vaar in een rustig tempo door om later mijn kracht weer terug te krijgen, maar dit duurt tot voorbij Wapenveld. Dan passeer ik ook 50 km vaarders, die in Deventer vertrokken zijn. Het is gek, maar medevaarders stimuleren mij enorm. Langzaam hervind ik mijn ritme. Dan komt één van de K1-vaarders in zicht. Het blijkt dat hij zich volledig kapot heeft gevaren en zich nu op pure wilskracht naar het eindpunt knokt. Hij was van plan samen met zijn maat om het record te verbeteren, dat op 6 uur en 51 minuten staat. Iedereen kan zich stuk varen, blijkt maar weer eens. Ik ga door en bereik de finish als vijfde in een tijd van 8 uur en 19 minuten. Fred is 9 minuten voor mij geëindigd en is zeer tevreden met zijn prestatie. Ik realiseer mij, dat hij mijn vierde plaats van de afgelopen jaren heeft ingenomen. Ik gun het hem. Hij is de betere kayakvaarder van ons tweeën. Natuurlijk wel wat jaren jonger en zijn kayak was niet beladen.

Bij de finish staat Jan van de Velde met wie ik de Rijn van af Basel ben afgevaren. Hij heeft dit jaar niet meegedaan. Het doet mij goed om hem en zijn vrouw te zien. Al strompelend stap ik uit mijn Buccaneer. Het blijft moeilijk om na zo'n lange tocht de benen weer in beweging te krijgen.

Bij de finish hoor ik ook dat de overgebleven K1-vaarder net niet het record heeft kunnen verbreken, maar wel een prachtige tijd van 6 uur en 55 minuten heeft neergezet.

Ik ben moe, maar heb weinig pijn, behalve in mijn billen.

Voor de statistiek tijdens de tocht 8 belegde boterhammen, 3 energie repen, 2 tomaten, 2 appels en 3,5 liter Isostar.

Mijn plaats in de afgelopen jaren:

2000: 9e plaats met één stop 9 uur 19 min. buccaneer met kampeeruitrusting

2001: 6e plaats zonder stop 8 uur 35 min. buccaneer zonder bagage

2002: 5e plaats zonder stop 8 uur 4 min. eska zonder bagage

2003: 4e plaats zonder stop 9 uur 26 min buccaneer met kampeeruitrusting

2004: 4 e plaats zonder stop 8 uur 35 min eska zonder bagage

2006: 5e plaats zonder stop 8 uur 19 min buccaneer met kampeeruitrusting

Volgend jaar hoop ik Ineke, mijn vrouw, zover te krijgen dat zij samen met mij in de tweepersoons Calypso de 50km zal varen.

Leen Braber

 

 

 

terug naar verslagen / foto's